En ook ik mag het een keer niet leuk vinden

Vanmorgen begon de dag met een hoopje hondenstront uitgesmeerd over de tegelvloer.

Leo had in huis gepoept.

Diarrhee. 

Pff….

Ik realiseerde mij dat ik het lastig vind om mijzelf toe te staan om het een keer niet leuk te vinden..

Mijn eerste impuls was helemaal niet ‘liefdevol’. Mijn eerste impuls was: Verdomme, Leo dit vind ik niet leuk.

Maar nog voordat die zin goed en wel geboren was in mij, kwam de tweede stem al..

“Ach, hij kan er ook niets aan doen.”

“Hij is oud.”

“Jij ruimt dit toch zo op”

want

“Je houdt zoveel van hem.”

 

En daar gebeurde precies wat er al 63 jaar gebeurt.

Ik slikte mezelf  in. Mijn gevoel van gatverdamme.

Niet omdat ik niet van Leo houd. Maar juist omdat ik van hem houd.

En omdat mezelf helemaal laten zien, van de onaardige, onsympathieke kant gevaarlijk is. Daarom druk ik dat gevoel weg. En dat is een heel oud patroon. Zeker ook gerelateerd aan het wegdrukken van de walgelijke Jappenkamp-ervaringen van mijn moeder. De narigheid moest gauw vergeten worden.. en als kind vond ik dat zelf ook al nep.

Maar toch introjecteerde ik met het grootste gemak dit sterke en meestal vrouwonvriendelijke patroon.

Maar liefde betekent niet dat alles meteen weer gladgestreken hoeft te worden. Liefde betekent niet dat ik mijn eigen ervaring op de tweede plaats hoef te zetten.

Ik mag iets gewoon níét leuk vinden.

En waarom is dat eigenlijk nou zo verdoemt moeilijk?

Omdat ik, net zoals zoveel vrouwen als mannen, heb geleerd dat mijn verontwaardiging en mijn boosheid gevaarlijk was. 

Dat mijn afkeer ongewenst was. Dat mijn wil gebroken moest worden voordat ik een “goed dochter” kon zijn.

Dus werden ik lief. Adorable. 

Ik deed of ik begripvol was.

Moest leren vergeven. Blehh

Zorgde graag voor dieren en mijn ouders hield ik hen zoveel mogelijk zorgen-vrij. Want ze hadden al zoveel meegemaakt… in de oorlog.

Altijd in het geweer om eerst de Ander te begrijpen.

En ergens onderweg verloor ik het vermogen om simpelweg te zeggen:

“Nee. Dit vind ik niet fijn.” Zonder schuldgevoel.

Zonder er onmiddellijk een spiritueel sausje eroverheen te gieten. Je zorgt voor je naaste.

Altijd dat schuldig voelen.

En wat sommigen ook tegenwoordig doen? We gieten er een spiritueel sausje over.  We noemen het compassie. We noemen het vergeving. Getsie, wat stuit me dat tegen de borst. Maar het valt niet mee om mijzelf daar verre van te houden..

Maar soms is het niets anders dan een keurige spirituele bypass. een egofrats waarmee we ons ware zelf voor de gek houden. En weet de mens niet dat hij of zij dit doet, zo geprogrammeerd zijn we door opvoeding en school. 

En hebben we allemaal een manier gekozen om niet te hoeven voelen wat er werkelijk leeft. Denk aan jouw manier van vluchten weg van jezelf, van niet hoeven voelen. Drankje, taartje, liefje 🙂

En ik ben er helemaal klaar mee. In de categorie van “Op een dag besloot ik dat ik er genoeg van had” 🫣😁💪

Want dan kom je in het veld van ‘Ik hoef mijn eerste impuls niet meer onmiddellijk te corrigeren. Ik hoef mezelf niet meer te vertellen dat alles liefde is, terwijl er vanbinnen gewoon irritatie, verdriet of woede opkomt.’ 

IK MAG MIJZELF ZIJN. Dat geeft VRIJHEID.

Ook dát is liefde. Juist dát is liefde HELEMAAL. Liefde voor jezelf, liefde voor een ander, liefde voor de wereld, voor de aarde.  Als je je er bewust van bent, bewust van hoe je met jezelf omgaat. Zoals je ouders, de school en vrienden of de staat? 

Liefde sluit niets uit. Maar we liegen voortdurend tegen onszelf. Ga daar eens op letten. Waar durf ik niet mijn innerlijke waarheid te leven?!

Liefde is namelijk verbonden met waarheid. Sterker nog. Waarheid is de hoogste vorm van liefde. 

Ik zie dit jezelf kleiner maken bij zoveel vrouwen. Zeker bij oudste dochters. Wij zijn vaak al jong verantwoordelijk geworden voor de vrede in het gezin. We leerden spanningen op te lossen voordat ze ontstonden. We leerden onze eigen gevoelens in te slikken zodat anderen zich veilig konden blijven voelen.

Dit patroon is geniaal.

En tegelijkertijd vernietigend.

Want iedere keer dat ik mijn eigen waarheid oversla, vertel ik mezelf opnieuw dat mijn binnenwereld minder belangrijk is dan die van een ander.

En dat is geen liefde.

Dat is angst. En bangigheid.

De angst van een klein meisje dat ooit geleerd heeft dat afwijzing levensgevaarlijk voelde. Dat me dat buiten de groep plaatste, wat toen heel angstig was.

Maar ik ben geen klein meisje meer.

Ik ben een vrouw van 63. En juist dat vrouwelijke aspect kom ik hier op aarde leven. Deze keer.

Dus niet alleen Maria.

Maar ook Magda en de Lena in Maria Magdalena. De hele range van Vrouwzijn, inclusief de hoer en de heks. Eva en Lilith.

Niet alleen verzorgen.

Maar ook begrenzen.

Niet alleen liefhebben.

Maar ook zeggen:

“Tot hier.”

“Dit raakt me.”

“En ja… ik vind dit gewoon niet leuk.”

Zonder mezelf daarvoor te hoeven verontschuldigen.

Misschien is volwassen worden uiteindelijk niets anders dan toestemming geven aan je volledige mens-zijn. Om echt achter jouw diepste kern te gaan staan. En te blijven staan, hoe groot de druk ook wordt.

Niet alleen aan je zachte hart.

Maar ook aan je vurige hart.

Want ook verontwaardiging hoort bij liefde.

Ook boosheid kan heilig zijn.

Want ook ik…

ja..

mag het een keer niet leuk vinden. En door mij dit te herinneren, heel ik mijn oude verwondingen en herinner ik mij wie ik was en waarom ik dit parcours heb gekozen, deze keer op aarde :-D. En hier op Lesbos leer ik dit maximaal, als vrouw alleen. Want qua emancipatie mag hier nog wel wat gebeuren. Daarom noem ik mijn queeste hier ook: In de voetsporen van Sappho.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *